
welkomstwoord van CBL-directeur René Roorda tijdens de ondertekening van de intentieverklaring dagranddistributie op 8 september 2011
Goedemorgen dames en heren, van harte welkom. Speciaal woord van welkom richt ik graag tot mevrouw Van Huffelen, Wethouder van Duurzaamheid, Binnenstad en Buitenruimte van de gemeente Rotterdam. Verder wil ik graag de mensen van deze Bas van der Heijden supermarkt bedanken voor hun gastvrijheid.
Dames en heren, u heeft het misschien ook weer gemerkt op weg hier naartoe vanochtend: De wegen raken steeds voller. Een goede bereikbaarheid is voor de supermarkten van groot belang om de schappen van de winkels meerdere keren per dag te kunnen blijven vullen. Wij willen voorkomen dat onze klanten misgrijpen.
Sinds 2010 streeft het CBL daarom naar het mogelijk maken van dagranddistributie met stil en schoon (PIEK) transport. Het bevoorraden in de vroege ochtend en late avond is niet alleen efficiënt en kostenbesparend, het leidt ook tot een vermindering van druk op milieu en verkeer. Dagranddistributie zorgt voor een reductie van 17% brandstof en eveneens tot een overeenkomstige daling van de uitstoot van CO2.
En het komt de verkeersveiligheid ten goede omdat er minder vrachtwagens rijden op die momenten dat er veel fietsers onderweg zijn naar werk en school.
Een belangrijk aandachtspunt om dagranddistributie te realiseren is natuurlijk dat dit gebeurt zonder geluidsoverlast voor bewoner en klant. Een goede samenwerking tussen het bedrijfsleven en de lokale overheid is daarbij cruciaal. Ik ben dan ook zeer verheugd dat ik hier vandaag met de gemeente Rotterdam de intentieverklaring mag ondertekenen. Twee jaar geleden was Rotterdam de eerste gemeente die zich aanmeldde om dagranddistributie mogelijk te maken. Niet de minste, want met 17 gemeenten die deel uitmaken van de regio Rotterdam spreken we over een groot gebied. Bovendien vervult Gemeente Rotterdam een ambassadeursfunctie in Nederland. En daarbuiten, want inmiddels heeft Rotterdam de Europese distributieprijs Sugar Award gewonnen en volgen Londen en New York het Rotterdamse voorbeeld.
En hoewel het gaat om een grote regio, was Rotterdam direct in voor onze aanpak van dagranddistributie. We konden goede afspraken maken en supermarktorganisaties hebben in pilots samengewerkt aan een succesvolle stedelijke distributie. “Geen woorden maar daden”, zoals ze dat hier zeggen, dat spreekt ons als supermarktbranche bijzonder aan!
Om te beoordelen of winkellocaties geschikt zijn voor dagranddistributie heeft het CBL samen met Rotterdam in een pilot een checklist ontwikkeld die landelijk wordt uitgerold. Belangrijkste punten in deze checklist zijn inzet van PIEK-materieel, gedrag van de werknemers, de afstand tot woningen en de bestrating.
Dames en heren, het is een goede zaak dat er steeds meer aandacht is voor stedelijke distributie bij lokale, maar ook bij de landelijke overheid. Zo spreekt de Tweede Kamer vandaag over het gebruik van ecocombi’s. Met de combinatie van dagranddistributie en deze langere en zwaardere vrachtwagens kan nog meer milieuwinst worden behaald.
Dit past in het CBL-Klimaatplan waarin de supermarktbranche streeft naar 20% minder CO2-uitstoot in transport in 2020. Het CBL-Klimaatplan maakt deel uit van de CBL duurzaamheidsagenda waarin de supermarktbranche samen met ketenpartners, overheden en maatschappelijke organisaties projecten opzet om de voedselketen duurzamer te maken.
Dames en heren, rest mij niets anders dan het woord te geven aan de Wethouder. Bedankt voor uw aandacht.
presentatie van het CBL-Jaarversslag door dhr. A.D. Boer op 9 juni 2011 in het Kurhaus te Scheveningen
Dames en heren, graag heet ik u namens de leden van het CBL van harte welkom. Het is mij een groot genoegen u hier als voorzitter van het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel te ontvangen en het jaarverslag te presenteren.
Maar eerst wil ik hier kort stil staan bij het overlijden van de ere-voorzitter van het CBL, de heer Albert Heijn. De heer Heijn gaf van 1970 tot 1992 leiding aan het CBL. Hij was de vader van de Nederlandse kruideniers. Zijn liefde voor de consument stond centraal, net als zijn liefde voor het supermarktvak. Bij het CBL deelde hij op innemende wijze zijn grote kennis met zijn collega's, de Nederlandse kruideniers. Hij was warm voorstander van samenwerking binnen de levensmiddelenketen. Een thema dat nog steeds actueel is. Daar over straks meer.
Dames en heren, supermarkten hebben een belangrijke sociale en maatschappelijke functie. Ze bieden gevarieerd en afwisselend werk aan 260.000 mensen. Mensen die met veel hart voor hun vak én voor de klant hun werk doen. Dat blijkt ook uit een recent onderzoek naar medewerkerstevredenheid binnen de detailhandel. Hieruit blijkt dat supermarktmedewerkers van alle medewerkers in de detailhandel het meest tevreden zijn. Ook over de beloning en secundaire arbeidsvoorwaarden is men méér tevreden dan medewerkers in andere sectoren van de detailhandel.
In 2010 is de omzet in de supermarkten met 2,5% gestegen naar ruim 32 miljard euro. Dit jaar laat een zelfde beeld zien. Het consumentenvertrouwen is misschien iets toegenomen ten opzichte van 2009, maar nog steeds niet terug op het niveau van vóór de financiële crisis. We zien wel enige groei, maar die wordt vooral veroorzaakt door de stijgende grondstofprijzen. Consumenten blijven in de huidige economische omstandigheden gevoelig voor aanbiedingen. Huismerken zijn onverminderd populair en bedienen niet alleen de basis maar ook meer en meer het topsegment van de markt. Wij horen daar dadelijk meer over bij de presentatie van ConsumentenTrends.
Economische omstandigheden en maatschappelijke ontwikkelingen maken samenwerking in de keten nog belangrijker. Alle schakels in de keten hebben een gemeenschappelijk belang de handen ineen te slaan bij het ontwikkelen en verkopen van nieuwe, gezondere en duurzamer producten. Het spreekt voor zich dat daarbij de consument steeds centraal moet staan.
Alleen door samen te werken kunnen we onze klanten optimaal bedienen. Wij kunnen als supermarkten niet zonder fabrikanten, boeren en tuinders. En zij kunnen niet zonder onze verkooppunten. Samen moeten we de consument bedienen en waarde toevoegen in de vorm van nieuwe en betere producten, bijvoorbeeld in samenstelling en duurzaamheid.
Een krachtige levensmiddelenketen is essentieel voor de concurrentie- en innovatiekracht van de Nederlandse economie. En laten we er ook maar niet omheen draaien; achter de schermen lopen onze belangen in Den Haag en in Brussel vaak parallel. Bij veel onderwerpen kunnen we één geluid laten horen richting politiek.
Samenwerking in de keten wordt overigens door meerdere factoren afgedwongen. Gezondheid is een belangrijke. Vorige maand nog hebben CBL en FNLI het Platform Productsamenstelling opgericht. Fabrikanten en retailers gaan gezamenlijk de samenstelling van producten veranderen om het consumenten nog gemakkelijker te maken verantwoord te eten. Hoe succesvol deze aanpak kan zijn, bewijst de recente afspraak die gemaakt is over de vermindering van het zoutgehalte in groenteconserven. Fabrikanten en retailers brengen de komende jaren stapsgewijs het zoutgehalte in deze producten drastisch omlaag.
Klimaatbehoud is een andere drijfveer tot samenwerking. Bedrijven willen of moeten hun uitstoot van CO2 verminderen. Vrachtwagens van fabrikanten en supermarkten rijden samen zo'n 640 miljoen kilometer per jaar van en naar distributiecentra en winkels. Dat is elk jaar 800 keer naar de maan op en neer! Als één vrachtwagen zijn rit elke dag met één uur zou kunnen verkorten, bespaart dat bijna 20% diesel per jaar. Dat staat gelijk aan de jaarlijkse CO2-uitstoot van ruim zes huishoudens. Daarom is het CBL druk in gesprek met gemeenten zodat wij buiten de spits om onze winkels kunnen beleveren.
Dames en heren, het is geen nieuws dat onze wereldbevolking de komende 40 jaar stijgt van 6,8 naar 9 miljard mensen. De komende decennia zullen miljarden meer monden gevoed moeten worden. Tegen deze achtergrond is het schrijnend dat er voedsel wordt weggegooid. Zowel tijdens de productie, verwerking als de distributie. Hoewel supermarkten procentueel het minst weggooien, willen ook wij dit verder terugdringen.
Maatschappelijk is het weggooien van voedsel niet aanvaardbaar. Zowel in de levensmiddelenketen als bij de consument thuis binden supermarkten de strijd aan tegen voedselverspilling. Daarbij is samenwerking in de keten wenselijk, bijvoorbeeld om verpakkingen te ontwikkelen die consumenten beter in staat stellen om op maat in te kopen. Onlangs hebben FNLI en CBL afgesproken een feitenonderzoek te laten uitvoeren. Het CBL informeert de consument verder over voedselverspilling op passievoorfood.nl. Op deze website brengen we de duurzaamheidsinitiatieven van de branche breed voor het voetlicht.
Dames en heren, ik denk dat wij allemaal hoge verwachtingen hadden van een ondernemingsgezind Kabinet. Helaas heeft de levensmiddelenhandel hier tot op heden bitter weinig van gemerkt. Kijk maar naar de zondagopening. In plaats van een versoepeling, komt er door de opstelling van het Kabinet juist strengere wetgeving. Een gemiste kans om de economie een impuls te geven. Een buitengewoon slecht besluit voor onze branche. Bovendien een miskenning van de wens van veel consumenten die graag op zondag boodschappen doen.
Een ander voorbeeld is dat het Kabinet nu alle opbrengsten uit de Verpakkingenbelasting in de schatkist laat verdwijnen. En dat terwijl wij een overeenkomst hebben met de overheid dat van de Verpakkingenbelasting 115 miljoen aan gemeenten wordt betaald voor het verwerken van huishoudelijk afval. En wat te denken van het plan om de btw op voedsel drastisch te verhogen! Onbegrijpelijk dat het Kabinet de eerste levensbehoeften duurder wil maken in een tijd waarin veel mensen moeite hebben om rond te komen.
Ik heb het idee dat de politiek en beleidsmakers in Den Haag en Brussel niet altijd de functie van de supermarkt even scherp op het netvlies hebben. Nederland hecht terecht veel aan het exportbelang. Maar dat mag er niet toe leiden dat de belangen van de Nederlandse consument ondersneeuwen. Dat geldt ook voor het topsectorenbeleid van het Kabinet. Ik ga ervan uit dat ook de retail haar rol kan spelen bij het verder invullen en uitvoeren van het topsectorenbeleid.
Supermarkten, food service, horeca, catering en andere verkoopkanalen zijn een onlosmakelijk onderdeel van de voedselketen en ik reken erop dat zowel de industrie als het ministerie van EL&I het belang van de retail - en dus van de klant- voldoende op waarde weten te schatten. Ik doe een beroep op het top Team Agro Food én het ministerie van EL&I de retail bij het vervolgtraject te betrekken. De retail levert immers binnen het Agro-Food complex de hoogste bijdrage aan toegevoegde waarde. Ketenomkering -van aanbodgericht naar vraaggestuurd- en de vrije markt dienen actief te worden uitgedragen.
Samen met boeren, tuinders en fabrikanten moeten we werken aan innovatie en het realiseren van toegevoegde waarde voor de consument. Daarmee kunnen we de consument verleiden. Er dient vooral gekeken te worden naar de gezamenlijke uitdagingen die er voor de hele keten liggen.
Zo zitten voedselveiligheid en ketenbeheersing in het DNA van onze sector. Een ernstig incident als EHEC in Noord Duitsland laat echter nog eens pijnlijk zien welke risico's we lopen. Het onderstreept nogmaals het belang van intensieve ketensamenwerking.
Dames en heren, zestig jaar geleden zag onze branche al in dat samenwerking loont. In hun strijd voor modernisering van de vestigingswetgeving sloegen grootwinkelbedrijven en het midden- en kleinbedrijf hun handen ineen. Het CBL werd geboren. In de loop der jaren is het CBL een steeds grotere rol gaan spelen binnen onze sector. We zijn daarom blij dat de totale detailhandel nu ons voorbeeld volgt met de oprichting van Detailhandel Nederland, waarbij alle branches in de detailhandel- groot en klein- zich kunnen gaan aansluiten. We juichen die ontwikkeling van harte toe.
Het CBL heeft zich inmiddels bij Detailhandel Nederland aangemeld. De detailhandel kan zich hiermee met één stem laten horen. Bijvoorbeeld op het gebied van winkelcriminaliteit, waar de hele detailhandel helaas nog steeds door geteisterd wordt.
Dames en heren, ik sluit af. Dit is de laatste keer dat ik u hier als voorzitter van het CBL toespreek. Eerder dit jaar ben ik als CEO leiding gaan geven aan Ahold. In voorbereiding daarop heb ik al mijn werkzaamheden doorlopen en op een rijtje gezet. En een mens moet keuzes maken, dat geldt ook voor mij. Ik heb daarom het voorzitterschap bij het CBL moeten neerleggen. Met spijt in mijn hart. Ik maak al 11 jaar deel uit van het bestuur en het Dagelijks Bestuur van het CBL en draag onze club een warm hart toe.
Voorafgaand aan deze bijeenkomst heeft de Algemene Ledenvergadering van het CBL de nieuwe voorzitter benoemd. Gezien de verdere professionalisering van het bureau van het CBL met een sterk directieteam is gekozen voor een onafhankelijke voorzitter. Ik stel hem graag aan u voor. Dat doen we naar ik heb begrepen via een live satelliet verbinding. Ik kijk even naar de presentator van vandaag. Meneer Kockelmann, hebben we al verbinding?
